trekpleisters op Terschelling
Op Terschelling zijn diverse historische en culturele trekpleisters te vinden die je als toerist zeker gezien of bezocht moet hebben. Of het nu gaat om een museum of een boerderij met historische waarde, de Terschellingers doen er alles aan om het in een prachtig staat te behouden.
't behouden huys Het Behouden Huys is het gemeentelijke cultuurhistorische museum van Terschelling. Het is gevestigd in een tweetal 17e-eeuwse commandeurswoningen. De naam is ontleend aan de naam van het onderkomen waar Willem Barentsz en de zijnen in de winter van 1596-1597 op Nova Zembla overleefden. (website)
Visserijmuseum Aike van Stien In een historisch pandje op West Terschelling is het visserijmuseum "Aike van Stien" gevestigd. Achterkleinkinderen van Aike van Stien hebben dit museum opgezet ter nagedachtenis aan hun voorouders, die allemaal in de visserij werkzaam waren. Er worden verschillende soorten netten en voorwerpen tentoongesteld, waar men in de periode van 1850 tot 1950 diverse soorten vis, schaal- en schelpdieren mee ving. Foto's illustreren het geheel. Ook zijn er diverse tijdelijke en permanente exposities, waaronder de zeehondenjacht, scheepshelling van "Krul" en informatie over splitsen en knopen. (website)
Zeeaquarium Ongetwijfeld kent u de kabeljauw, de schol en de bot. Wellicht ook de zeebaars en de rode poon. Maar kent u het harnasmannetje? Of het botervisje, de puitaal, de zeedonderpad? Allemaal niet erg groot en vaste bewoners van de Waddenzee. U vindt ze samen met nog veel meer andere vissen en zeeorganismen in de zeeaquaria van het Centrum voor Natuur en Landschap. (website)
Cranberry Bessenschuur Van oudsher is de Bessenschuur het middelpunt van de cranberryteelt op Terschelling. Hier werden jarenlang de geoogste bessen in gesorteerd en opgeslagen. Deze authentieke bessenschuur is omgetoverd tot horeca gelegenheid en bezoekerscentrum, waarbij de unieke sfeer van de schuur bewaard is gebleven. In de periode van april tot november is de Bessenschuur (Badweg richting Paal 8) dagelijks voor publiek geopend van 10.00 tot 17.00 uur. (website)
Stryper kerkhof / Stryper wyfke De oudste sporen van menselijke bewoning op Terschelling zijn terug te vinden op het Stryper kerkhof. Bij archeologisch onderzoek zijn daar resten aangetroffen van een houten kerkje en een begraafplaats van ongeveer 1000 jaar geleden. Aangenomen wordt dat sinds die tijd het eiland door mensen bewoond is. Tijdens de Tweede Engelse oorlog in 1666 werd een Nederlandse koopvaardijvloot door de Engelsen aangevallen in het Vlie. Na het voor een groot deel vernietigen van de Nederlandse vloot werd er koers gezet naar Terschelling om dit ook te vernietigen. Op een paar huizen na werd West-Terschelling plat gebrand. Niet tevreden met het resultaat trokken de Engelsen verder het eiland op. Ter hoogte van Baaiduinen zagen ze echter een aantal schimmige vormen op een heuvel (stryper kerkhof). Bang voor Hollandse soldaten werd er gevraagd aan een vrouwtje (het Stryper wyfke) wat de schimmen in de verte waren. het antwoord luide: "ze staan er bij honderden en liggen er bij duizenden" doelend op de begraafplaats. deze uitspraak zou de overige dorpen behouden hebben van de ondergang.
Formerumer molen In 1838 werd de molen voor Hendrik Stobbe gebouwd op de Dellewal te West-Terschelling. en in 1876 herbouwd te Formerum. Volgens sommigen zou de molen gebouwd zijn uit gejut hout, maar dat is vermoedelijk visserslatijn. Momenteel doet de molen dienst als koffiehuis en draait zo'n 100 keer per jaar.
Wrakken museum Eigenaar (en wrakduiker) Hille van Dieren verzamelt al vanaf 1975 opgedoken inventarisstukken van de vele scheepswrakken rondom het eiland Terschelling. Het museum ligt vol rariteiten uit de periode 1650 tot heden. Een spannend museum voor grote en kleine mensen. Ook ideaal voor groepen en schoolklassen. (website)
Drenkelingenhuisje Of zoals de Terschellingers zeggen, het húske op ΄e Hoek. De geschiedenis van het drenkelingenhuisje begint in 1863. Het laatste drenkelingenhuisje, dat al in slechte staat van onderhoud verkeerde is in de storm van 16 februari 1962 uit elkaar geslagen en van toneel verdwenen. Door toegezegde subsidies en dankzij medewerking van Rijkswaterstaat, Staatsbosbeheer, het ministerie van LNV, de gemeente Terschelling, sponsors en de buren van Lies, Hoorn, en Oosterend is deze replica gebouwd in 1999 en staat ter hoogte van paal 25 halverwege de Boschplaat.








